Vlieg met me mee naar de regenboog

Vandaag precies 25 jaar geleden liep ik in een lang rood gewaad. Nee, ik was niet voor kerstman aan het spelen. Op de instrumentale klanken van ‘De Zee’, van Trijntje Oosterhuis stapte ik met partner in zijn gala uniform het raadhuis in. Het schijnt tegenwoordig nogal een prestatie te zijn, het zo lang volhouden. En nog steeds in je jurk passen ook trouwens. Als jullie dit lezen, heb ik ‘m weer aan.

Ze zeggen wel eens dat je één keer in je leven je ‘soulmate’ tegenkomt. Als ik de hoeveelheid scheidingen om me heen zie, denk ik dat het lastiger is om die te vinden dan soms wordt gedacht. Op zich zijn wij ook een onwaarschijnlijk setje. De eerste kennismaking verliep namelijk niet helemaal van een leien dakje. Ik werd als bleu journalistje naar een marinierskazerne gestuurd, geen idee meer waarvoor. Maar het kwam erop neer dat ik met een landingsboot moest meevaren. In die tijd maakten we bij de krant waar ik werkte als journalist ook zelf de foto’s en dat ging toen nog niet digitaal, dus ik zeulde met een enorme fotokoffer een kantoor binnen, waar ik door de wachtpost naartoe was verwezen.

Welke van die dingen was het…?

Er zaten twee jonge luitenantjes (weet je nog, Gerard de Vries en Jack van Baarsel?), maar ik was zelf nog jonger, dus ik was onder de indruk van de uniformen en de strepen. Ze verwezen me naar ‘de Lima 41’. Ik had geen idee, maar wel hersens, dus ik begreep dat dat waarschijnlijk één van de boten was met dat nummer. En ik was de haven gepasseerd op weg naar binnen. Dus ik sleepte de koffer weer mee de trap af.

Hij keek nors op me neer

Terug bij de haven lagen meerdere boten met nummers, waarvan de achterste eindigde op 41. Een vrouw op een marinierskazerne is een uitzondering, dus er keken overal nieuwsgierige gezichten om hoekjes. Maar daar bleef het bij, dus ik kreeg al iets meer de pest in. Zuchtend onder het gewicht van rolletjes, lenzen en een dikke Nikon ging ik weer een trap af, naar een soort vlonder. De klep van de 41 was naar beneden en er scharrelden twee mannen in camouflagepak rond. Ik stopte en vroeg voorzichtig ‘eeeeh, is dit de 41’? Het deurtje van de stuurhut werd opengegooid. Daar kwam nog zo’n mannetje uit, met een gemillimeterd kapsel, opgerolde mouwen en een zwarte zonnebril. Hij keek van boven op me neer en vroeg bars ‘waarom wil je dat weten’? ‘In dat geval moet ik met u meevaren van uw commandant…’ keek ik hoopvol omhoog. ‘Nou, dat dacht ik niet’, was het norse antwoord. Voor mijn neus ging de klep omhoog  en voer de boot weg, mij verloren op de kade achterlatend. En ik weet nog dat ik dacht: wát een eikel!!!

Geheugensteuntje

Om een lang verhaal kort te maken, met diezelfde eikel ben ik vandaag 25 jaar getrouwd. Inderdaad, het heeft een hoog ‘Officer and a gentleman’ gehalte.  De datum, een dag voor kerst, was een tactische keuze.  Want waar ter wereld ze ook zaten, Defensie probeerde de mannen eigenlijk altijd wel voor Kerst naar huis te krijgen. Bovendien is het een uitstekende keuze om ervoor te zorgen dat een man zijn huwelijksdag nooit vergeet…

Zoals waarschijnlijk bij iedereen is zo’n traject van 25 jaar nooit helemaal plain sailing. Maar als iemand werkelijk je soulmate is, dan is er altijd genoeg om verder te gaan. Natuurlijk moppert hij op mijn rommelige aard en plotselinge koerswijzigingen. Ik word wel eens gek van zijn perfectionistische preciesheid. Ik laat hem los in zijn reisdrift, hij respecteert mijn kluizenaarschap met de dieren. We kunnen samen ontzettend lachen en ik zou niemand anders weten waar ik tegenaan wil kruipen, als het even moeilijk is. Of gewoon zomaar, omdat het goed voelt.

‘Vlieg met me mee naar de regenboog’ was een hit in onze begintijd en stond ook boven onze trouwadvertentie. And what do you know….we vliegen nog steeds!

Geplaatst in Blog en getagd met , , , , , , , .