Het doel en de bedoeling

Er was ooit een tijd dat een winstpunt iets zei over rijkunst. Er werd niet mee gestrooid, je moest behoorlijk aan de bak om er eentje te halen. Tegenwoordig lijkt het soms wel of je een winstpunt kunt ‘scoren’ of op andere manieren kunt afdwingen. Het doel gaat voor de bedoeling.

Het plan was ooit dat we leerden paardrijden. Of nog een stapje verder: leerden hoe we een paard kunnen trainen. Want dat is iets anders dan simpelweg er niet afvallen en een echt mooi ronde volte rijden. Je neemt het lichaam van je paard in ogenschouw en bedenkt een plan wat je kunt doen om hem nog beter of gemakkelijker te laten uitvoeren wat je van hem wilt. Ik wou eerst ‘verbeteren’ zetten, maar dat is eigenlijk onzin. Een paard is van zichzelf prima. Je kunt een beetje schaven aan zijn natuurlijke bewegingen. Maar zelfs de beste trainer van de wereld kan van een scruffy pony geen Totilas maken. Het gaat vooral om het recht lopen, vier benen evenredig belasten, niet scheef of voorover gaan. Zorgen dat hij heel blijft. En er dan opzitten op een manier die hem zo min mogelijk hindert.

Als jury gevierendeeld

Wedstrijden zijn een manier om te checken hoe ver je bent met het proces van leren rijden en de africhting van je paard. Dus dat we het momenteel ‘meetmomenten’ noemen, staat grappig genoeg dichter bij het oorspronkelijke idee. Ik zei het al eens eerder, ik ben wat aan het verzuren, want ik heb het gevoel dat het rijden tegenwoordig niet meer zo’n belangrijke plek inneemt als voorheen. Er wordt na afloop eerst gevraagd naar de hoeveelheid punten. Stil zitten, nagenoeg onzichtbare hulpen, paard over de rug en niet op de voorhand, geen getrokken krul…ik weet het niet hoor, maar het lijkt steeds meer naar de achtergrond te verdwijnen. Terwijl de winstpunten je om de oren vliegen doordat iemand zonder eraf te vallen rondgaat op een langpootspin, die zijn benen langs zijn oren legt, met een samengetrokken rug en hakken die zo ongeveer nog op de parkeerplaats staan. Dus dat zitten ontaardt noodgedwongen in achterover hangen, met je eigen rug net zo strak om de klappen op te vangen. Voor zo’n houding kreeg je ooit een 4! Kom daar tegenwoordig nog maar eens om. Dan word je als jury gevierendeeld. Of op z’n minst aangegeven bij de KNHS.

‘Positief’ jureren is de norm

Winstpunten halen is het doel geworden. Daarvoor gaan we naar wedstrijden waar een jury zit die ons bevalt. Of we starten bij voorkeur in het land der blinden. Een winstpunt kopen of op andere wijze afdwingen? Niets menselijks is ons vreemd. Er wordt al een tijdje een milde druk op juryleden uitgeoefend om ‘positief’ te jureren. Alsof jury’s daarvóór alleen naar een wedstrijd gingen om de boel eens lekker af te katten. Maar de herhaalde boodschap maakt wel dat je die -waarschijnlijk terechte-  3 of 4 minder snel geeft. Het gebeurt zelfs internationaal. Kijk maar hoe vaak de 80 procent grens wordt overschreden tegenwoordig, onder het mom van ‘wat goed is moet een 10 krijgen’. Daar ben ik het absoluut mee eens hoor. Mits je daarnaast ook die 2 mag geven, zonder een vrachtwagen aan gezeik. Maar dat kan niet meer hè, met die tere zieltjes . Of de financiële belangen.

Plaatjesrijders

Dat de cijfers steeds milder worden is een ontwikkeling met consequenties. Een 5 of een 6 voor iets dat niet correct wordt gedaan, geeft de indruk dat het allemaal wel meevalt. Geen noodzaak om er iets aan te doen. Zo krijg je dus ruiters in de Z die geen idee hebben wat ze aan het doen zijn. Plaatjesrijders, die door het halen van dat niveau zelf wel het gevoel hebben dat ze er heel veel verstand van hebben. Ze zijn Z, dus er wordt tegenop gekeken en niet zelden les van gevraagd. Wat dan meestal uitmondt in het vastknopen van een paardenhoofd uit onvermogen om uit te leggen hoe je hem fatsoenlijk door zijn lijf kunt laten lopen. En dat dat tijd kost om te leren als ruiter, want het is geen trucje of het gevolg van een toverspreuk. En dan met z’n allen na een wedstrijd flink mopperen op de jury, als er toch geen winstpunt is gegeven. In plaats van bij jezelf te raden gaan wat er voor verbetering vatbaar is en daar dan vervolgens op te gaan oefenen.

Vechten tegen de bierkaai

De paardensport lijkt er in mijn ogen de laatste tijd in een razend tempo zelf alles aan te doen om ervoor te zorgen dat we in de toekomst verboden worden. Het doel is veranderd. Ik heb steeds minder energie om te vechten tegen deze bierkaai. Het maakt me verdrietig. Terwijl ik daar toch geen reden voor heb, want er stond ineens een hele aardige ambtenaar van de gemeente voor mijn deur. Die samen met mij hoofdschuddend naar de buspaal keek en het er helemaal mee eens was dat die op een belachelijke plaats was neergezet. Hij beloofde hem te laten weghalen. Volgende week gaat het gebeuren, zei hij….ik houd jullie op de hoogte.

Geplaatst in Blog en getagd met , , , , , .