Restverschijnselen en ander geteut

Dit weekend werd ik geplaagd door akelig herfstweer en een flinke migraine. Nog even geprobeerd om op een paard te zitten, maar na een kleine twintig minuten de bak uitgejaagd door een hoosbui die niet op leek te houden en mijn eigen hoofd, dat zich gedroeg als een filmpje, waarvan beeld en geluid niet synchroon lopen. Daar komt nog bij -ik wil dit bijna niet bekennnen- dat ik toch wat restverschijnselen heb van mijn valpartij.

Hoewel alles functioneert, heb ik behoorlijk pijn in mijn rug als ik te paard zit. Ik ben hard voor mezelf, dus ik ging aanvankelijk stug door met rijden. Maar ik merkte dat mijn paarden er zelf gespannen van raakten. Ook DD, die het nu juist nodig heeft om te ontspannen en zo zijn vertrouwen weer terug te krijgen.

Ik ben groot voorstander van genezen door te bewegen. Van rust en stilzitten wordt niets beter. Buiten het normale stalwerk om, kon ik 100 liter water weghozen achteruit de stallen. Maar…het hielp niet. Ik had me voorgenomen om dit weekend voor het eerst na alle blessureleed weer eens de ring in te gaan. Maar ik kan niet eens doorzitten zonder pijn. Dat wordt ‘m dus niet. Door het slechte weer vielen er ook nog lessen uit, waar ik normaal veel energie van krijg. Ik voelde me verdrietig, afgeleefd en afgedankt.

Tempo tandje terug

Dinsdag heeft een ervaren sportmasseuse me onder handen genomen. Er is niks stuk, maar mijn onderrug is één harde massa. Het heeft tijd nodig en een beetje hulp, om weer los te komen. Ik ben daarna wel gewoon naar training gegaan. Lichtrijden is ook gevoelig, maar gaat wel. En dan kan ik lekker even in de grote binnenbak, dus minder last van het weer. DD was lief. Ondanks mijn gehannes, omdat ik niet helemaal optimaal zit. Ik heb het tempo een tandje teruggeschroefd, wat op zich niet zo verkeerd is voor hem. Het deed me nadenken over snelheid.  Want ik krijg wel eens de vraag hoe hard goed is. Dat is een lastige om vanaf hier te beantwoorden. Het hangt namelijk af van je paard, het moment, de situatie en wat je aan het trainen bent. Er is niet zoiets als één goed tempo. En hoe het voelt zegt ook nog niet alles over hoe het werkelijk is. Een terrein met vele valkuilen.

Over de drempel duwen

Zijn degelijke Groninger en Gelderse voorvaderen hebben DD gezegend met goed  ondertredende achterbenen in draf. Dat is fijn voor dressuur. Iets dat je paard heel makkelijk afgaat, voelt soms te makkelijk. Daardoor geeft hij me in het begin vaak het gevoel dat we te langzaam gaan. Dus ga ik eraan rijden, waardoor we niet alleen als een raket door de bak gaan, maar ik hem ook voortdurend van het achterbeen afjaag. Hij komt niet tot dragen. Alsof ik hem over een drempel duw.

Nu ik enigszins gehandicapt ben en mezelf noodgedwongen wat ontzie, heb ik het gevoel dat we omvallen, zo langzaam. Dat is niet zo en hij loopt warempel beter in balans. Iets met een nadeel en een voordeel, zullen we maar zeggen.

Een hoger tempo is soms nodig bij paarden die eerst moeten bewegen voor ze kunnen nadenken. Of die traag zijn. Wat totaal iets anders is dan langzaam. Je kunt super actief heel langzaam gaan. En wat ook iets anders is dan traag reageren. Want dat zie je vaak, dat ruiters met paarden die niet goed aan het been zijn ineens heel hard gaan, wat een vals gevoel van voorwaartsheid geeft. Maar het zegt nog steeds niks over de mate waarin hij reageert op jouw hulp.

Nieuwe lessers welkom

Woensdag heb ik 4 uur heen en weer op een motor gezeten om mw. Barrau te bezoeken. Het bleek een prima manier om mijn rug los te trillen. En mijn hoofd, want dik in de 90 herstellen van een gebroken heup met een motivatie waar Olympiërs een puntje aan kunnen zuigen, dat plaatste mijn geteut ook weer in perspectief. Dus hup, aan de slag. Nieuwe lessers zijn welkom, reizen geen bezwaar!

 

 

Geplaatst in Blog en getagd met , , , .