(G)een voornemens en een wijze les

Vuurwerk en nieuwjaarswensen… zodra de laatste ouwe oliebol naar de kippen is gegaan, ben ik er wel klaar mee. Hup, de blik weer vooruit. We gaan aan het nieuwe jaar beginnen. Ik ben ook helemaal niet van de goeie voornemens. Als je wat wilt veranderen, dan moet je daar niet mee wachten tot een bepaalde datum. En de kunst is niet om te beginnen, maar om het vol te houden.

Iedere ochtend, nadat ik de paarden heb verzorgd, in de wei gezet en stallen uitgemest, proberen we -als ik niet vroeg les hoef te geven- een rondje te lopen. Het klinkt misschien wat ouwelullerig, maar het is een prima moment om even gelijk te schakelen, golflengte af te stemmen of je zou het zelfs als meditatief kunnen bestempelen. Dat verloopt bij ons niet vaak in stilte, want we hebben altijd genoeg te bespreken. Soms zijn de discussies best pittig, want er zit een kop op beide garnalen en we staan allebei verbaal ons mannetje, dan wel vrouwtje. Maar de lengte van de wandeling is precies zo afgestemd dat de vouwen meestal zijn gladgestreken voor we het erf weer hebben bereikt. Daarbij hanteren we een principe dat ik jullie niet wil onthouden. Want als het lukt, heb je er veel aan. In allerlei opzichten.

Afdwingen is niet echt

Als je iets wilt van een ander -je gelijk halen of iemand ergens van overtuigen- dan proberen de meeste mensen de ander daarbij te veranderen. We doen dat ook in de omgang met paarden. We willen iets van ze en dat denken we te bereiken door ze iets op te leggen, af te dwingen. Omdat dat wat jij vindt of wilt in jouw ogen de enige juiste weg is.

Als je al kans ziet om iets af te dwingen, dan betekent dat dat iemand (of een paard) weliswaar meebeweegt in jouw richting. Maar…je kunt ze niet veranderen. Dus het is niet echt. Het is slechts tijdelijk. En op het moment dat het er op aan komt, dat je hun steun nodig hebt of dat het belangrijk is dat ze jouw manier volgen, gebeurt dat niet. Omdat het niet van binnenuit komt.

Geef je eigen grens aan

Kun je me nog volgen? Ik besef dat het wat filosofisch of misschien zelfs zweverig klinkt. Je moet een ander (of een paard) niet willen veranderen. Je kunt alleen je eigen gedrag aanpassen. Kan je dan helemaal niets? Jawel. Zeker wel. Je kunt je grenzen aangeven. Je bent baas over jezelf en jouw eigen ruimte. Dit is een hele belangrijke les. Als mensen en paarden met jou weten waar ze aan toe zijn, kunnen zij zich daarop aanpassen. Of niet. Maar dat is dan hun keuze.

Ik heb afgelopen tijd nog veel teruggedacht aan mijn recente interview met Frédèric Pignon en zijn verhaal over geduld. Het is in de basis wat ik hierboven schets. Jij geeft aan wat je wilt, waar je grens zit. En dan is het aan de ander of het paard om daar iets mee te doen. En aan jou om het geduld te hebben daarop te wachten, zonder te gaan dwingen. Gebeurt er niks, dan heb je je vraag misschien niet goed gesteld. Het ligt dus niet meteen aan die ander, maar je kijkt eerst bij jezelf.

Het mocht niet op wijken lijken

Een voorbeeld? Ik doe de laatste tijd af en toe grondwerk met DD in de grote bak. Ik ben daar geen ster in, maar heb zo links en rechts wel wat opgepikt. Het is ook niet erg om het op je eigen manier te doen, als je maar altijd op dezelfde vraag op dezelfde manier reageert (consequent zijn) en het principe hanteert dat het wegnemen van druk beloning is. Wijken door alleen te wijzen bleek heel makkelijk. Hij kent die hulp van het rijden. Maar appuyeren naar me toe is een stuk lastiger. Ik moest er even over nadenken hoe ik hem dat ging vragen. Het mocht niet op wijken lijken. Dus wijzen naar zijn flank kan niet. Ik probeerde het door hem met mijn open hand denkbeeldig op die plek naar me toe te trekken, maar hij vond dat dat op de hulp van wijken leek. Even kwam ik in de verleiding om een hoofdstel om te doen, waardoor ik een buitenteugel kon gebruiken als laterale begrenzing. Maar bij 1.80 is dat nog een heel gedoe. Bovendien doet Pignon het helemaal zonder, dus het kan wel. Het duurde even voor ik besefte dat ik gewoon te ongeduldig was en iets zocht om mee te dwingen. Als DD door die open hand wijken inzet, mag ik best ‘nee’ zeggen (mijn grens) zonder straf. Ik moet die hand niet wegnemen, want dan zou hij denken dat hij het juiste deed. Ik neem dan immers druk weg. Dus doorgaan, iets contact op het touw aan zijn halster nemen en wachten tot hij misschien wel per ongeluk een half stapje mijn kant op komt. En dan meteen de hand weg en uitbundig belonen, want daar is hij gevoelig voor. Het blijft een mannetje hè. Het duurde en duurde, maar het gebeurde. Je zag zijn ogen oplichten. En doordat hij het min of meer zelf had uitgevonden, was het ineens dubbel zo leuk.

Een vraag duidelijk stellen is iets anders dan een antwoord afdwingen.

Toch nog een goed voornemen voor 2020…

Geplaatst in Blog en getagd met , , , .